Oud Groevenbeek

Geschiedenis Oud Groevenbeek

Bij de splitsing van Groevenbeek werd Pieter Jongeneel (1840-1898) eigenaar van het landgoed Oud Groevenbeek. In 1895 verkocht hij zijn huis in Utrecht en zijn buitenhuis in Baarn en nam zijn intrek op Oud Groevenbeek. Pieter Jongeneel liet het oude landhuis moderniseren. Vermoedelijk werd de boerderij daarbij verplaatst naar de oostzijde van de Torenlaan. Ook bracht hij wijzigingen in de tuinaanleg aan waarbij hij mogelijk werd geadviseerd door tuinarchitect Copijn. Zo werd onder andere nabij het huis een vijver aangelegd.

Het oude landhuis op Oud Groevenbeek. Dit huis werd in 1907 – 1908 vervangen door het huidige huis.

In 1898 overleed Pieter Jongeneel onverwacht op Oud Groevenbeek. Het beheer van Oud Groevenbeek wordt overgenomen door zijn schoonzoon Floris Vos (1871-1943), die getrouwd was met het enige kind van Pieter Jongeneel, Margaretha. Floris en Margaretha waren neef en nicht. Floris Vos was de oudste zoon van Floris E. Vos (1841-1895) en Wijnanda J. Vos-Jongeneel (1847-1920), de eigenaren van Nieuw Groevenbeek; zo even Oud en Nieuw Groevenbeek ook na 1898 door familierelaties verbonden.

In 1900 ging Wijnanda Vos-Jongeneel (“Omoes”) in het landhuis op Oud Groevenbeek wonen. Zij ontving daar tegen een bescheiden vergoeding jonge vrouwen en meisjes, die voor hun gezondheid naar buiten moesten. Dit werk zette zij na 1903 voort op Nieuw Groevenbeek; in dat jaar werd het landgoed Oud Groevenbeek verkocht aan Jacob Hendrik van Schermbeek, die reeds het gebied “Klein Kampveld” bezat.

Van Schermbeek liet het landhuis afbreken en vervangen door een nieuw, veel groter huis, dat in 1907-1908 werd gebouwd in Jugendstil naar ontwerp van het architectenburo L.A. van Essen en J. van Zeggeren uit Harderwijk. Omstreeks deze periode werd in de directe omgeving van het landhuis en de boerderij Oud Groevenbeek tevens een aantal bijgebouwen gerealiseerd, zoals een tuinmanswoning, een koetshuis en een kascomplex met een bloemenkas en een druivenkas.

Orginele druivenkas op Oud Groevenbeek

Deze bebouwing werd gesitueerd binnen een parkachtige aanleg die geinspireerd was op de Engelse landschapsstijl en waarin de bestaande lanen en historische akkercomplexen waren opgenomen. De parkaanleg werd waarschijnlijk door Jacob van Schermbeek zelf ontworpen met de tuinarchitect Copijn als adviseur. Een bijzondere element binnen de aanleg werd gevormd door de kasteelachtige watertoren, die in 1912 wordt gebouwd op een kunstrnatig gecreerde heuvel.

Het landgoed Oud Groevenbeek bleef nog geruime tijd in het bezit van de familie van Schermbeek. In 1968, toen het landgoed inmiddels sterk in verval was geraakt, werd het door de toenmalige eigenaar P.A. van Schermbeek verkocht aan de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten. Van Schermbeek bleef op Oud Groevenbeek wonen en werd na zijn dood in 1980 begraven in het bos ten westen van het landhuis, op de plek waar tot in de jaren ’70 een houten theehuis heeft gestaan.

In 1991 is door de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten een herstelplan ontwikkeld, opgesteld door Copijn Utrecht Groenadviseurs B.V. Dit plan richt zich op herstel van de landschappelijke en cultuurhistorische karakteristieken van het landgoed Oud Groevenbeek, waarbij enkele nieuwe elementen worden ingebracht, zoals een open stalen hekwerk langs de Torenlaan en een replica van het oude theehuis, te plaatsen ten zuiden van het landhuis.