Leemkuil

De leemkuil (circa 1910). De leem wordt gebruikt als basis voor de vloeren van de boerderijen.

1911: twee houten gebouwtjes worden in Noordwijk aangekocht, uit elkaar genomen en op Groevenbeek weer in elkaar gezet, de Meerle en de Zwaluw. Tevens wordt er een klein getimmerte, een professorenhut, overgebracht en gezet aan het laantje tussen Variëtas en ’t Grote Huis: de Hut.

Paasvuur27_kl

Jonge Groevenbekers op de kar (circa 1913)

Voor de kar van links naar rechts: Floris van Leeuwen, ?, Floris Vos (Sillevis), Zus Vos, ?, ?, Piet van Leeuwen

Op de kar: AartVos (Sillevis), Piet Vos, ?, ?, ?, Nan van Leeuwen

1914 – 1918: Eerste Wereldoorlog. De exploitatie staat in het teken van de mobilisatie. In de huizen zijn veel wisselingen. In het begin van de oorlog vluchten veel gasten, het gezin Floris Vos zoekt juist toevlucht, daarna volgen Belgische vluchtelingen en Nederlandse en Belgische officieren. Er is grote vraag naar eikenhak- en brandhout omdat de buitenlandse aanvoer stagneert en er gebrek aan chemische looistoffen en steenkool is. De Belgen helpen in het bos. Er is voor het eerst sprake van diefstal en inbraak.

1915: in één uur tijd brandt op 12 oktober de Boerderij af en ligt de hooiberg in as. De brand is vermoedelijk ontstaan door het gebruik van open vuur onder de varkensketel op de deel. Gelukkig waren de bewoners afwezig, het vee buiten en blijkt alles verzekerd. Jacob Geurts trekt met zijn gezin in het Melkhuisje, dat voor tijdelijke bewoning geschikt wordt gemaakt.

1916: de nieuwe Boerderij, helemaal van steen en met pannenkap, kan binnen een half jaar worden betrokken. De aanwezigheid van een kelder is een geweldige verbetering, waardoor het Melkhuisje als koele ruimte voor de melk niet meer nodig is en in het vervolg als vakantiehuisje verhuurd wordt. Buitenshuis is een kookplaats voor het varkensvoer met brandvrije ommuring aangelegd. Omoes plaatst op eigen kosten, op de plek van het oude washuis, een stenen strijk- en mangelhuis, volgens haar kinderen: ‘een sieraad voor het landgoed’.( In de dertiger jaren zal dit huisje als dependence van De Hoogte in gebruik worden genomen en wordt het strijkhuis Vingerhoed en het washok Vingerdeel gedoopt.

De hut wordt uitgebreid met een tweede hut als zomerverblijf voor de gezinnen Van Leeuwen en Vos – Sillevis.

1918: brand in het rieten dak van 1905, twee uur later is het huis een puinhoop. Inboedel wordt gedeeltelijk gered, de verzekering dekt de schade niet.

1920: 22 december wordt met de dood van Omoes een periode van groei en bloei afgesloten. Grootpapa Hagedoorn neemt de dagelijkse leiding over, de exploitatie van het landbouwbedrijf komt nu voor rekening van de N.V. Zoon Piet wordt benoemd tot directeur.